BCMB Vindplek Cliëntondersteuners BCMB Werk gezocht

“Wij bouwen een brug terwijl we erop lopen, zodat deze jongeren niet meer tussen wal en schip belanden.”

In de overgang naar volwassenheid bevinden veel jongeren zich op het snijvlak van verschillende wetten. De reguliere opties qua hulpverlening worden helemaal benut, maar zijn niet toereikend. Hierdoor lopen ze vast en kunnen ze nergens terecht. Merel van de Loo werkt bij R75 in Nijmegen, een organisatie die hulp biedt aan jongeren tussen de 16 en 23 jaar. Sinds 2019 is ze ook coördinator bij het casusoverleg Tussen Wal en Schip (TWES) van R75 in samenwerking met de gemeente Nijmegen. Samen met een kerngroep aan partners werkt ze daarin samen om deze jongeren de hulp te bieden die ze eerst niet konden krijgen.


“Bij TWES richten we ons op jongeren die bezig zijn zelfstandig te worden, maar daar moeite mee hebben. In deze regio zien we namelijk veel jongeren met uiteenlopende problemen. Onder andere de gemeente verwijst deze jongeren door naar R75 voor een briefadres en andere hulpverlening. Zo’n briefadres is belangrijk, omdat een jongere dan weer geregistreerd staat in de Basisregistratie Personen. Hierdoor heeft een jongere recht op uitkeringen, toeslagen en kan hij of zij een zorgverzekering afsluiten. Bij R75 bieden we ook praktische en psychosociale hulpverlening. We gaan met jongeren mee naar afspraken en fungeren als 'spin in het web'. Ook regelen we andere hulpverlening als we denken dat ze dan beter geholpen worden. Deze jongeren kregen vaak lange tijd hulp via de jeugdzorg, worden vervolgens 18 jaar en moeten het dan zelf gaan doen. Maar dat lukt niet altijd. Ze vragen dan een uitkering aan, maar dat bedrag ligt soms veel lager dan de bijstand vanwege hun leeftijd. Deze jongeren kunnen dan niet naar school en moeten hun eigen huisvesting betalen. Want beschermd wonen kan ook niet, omdat ze geen diagnose hebben of te goed zijn voor zo’n woonvorm. Ze vallen echt tussen alle wet- en regelgeving in. En daar wilden we een oplossing voor.”

"Ze vallen echt tussen alle wet- en regelgeving in. En daar wilden we een oplossing voor."

De ‘big five’ leefgebieden

Namens R75 is Merel gaan kijken wat er nodig is voor deze groep jongeren. “Ik ben sinds 2019 de coördinator van TWES. Samen met een paar partijen ben ik in gesprek gegaan met de gemeente Nijmegen om te bepalen wat we kunnen doen. Hier kwam het casusoverleg TWES uit voort en vanaf 2021 zijn we echt gestart met een tweewekelijks overleg. De ketenpartners die aan dit overleg deelnemen, zijn op dit moment onder andere jeugdzorgorganisaties, GGZ-instellingen en de Gemeente Nijmegen. We zorgen tijdens dit overleg dat de ‘big five’ leefgebieden aan bod komen. Dus support, wonen, school en werk, inkomen en welzijn. We kijken hierbij niet naar afzonderlijke problemen, maar we werken integraal. De partners die zijn aangesloten, vertegenwoordigen die verschillende leefgebieden. Zij kunnen bijvoorbeeld ambulante hulp of beschermd wonen aanbieden voor jongeren die het nodig hebben. Of meedenken en advies geven aan de jongere. Er is één vaste groep met partners en daarnaast hebben we ook nog een flexibele schil. Iedereen mag zich aanmelden. Denk aan scholen, huisartsen en woningbouwverenigingen.”

Een boterham en een slaapplek 

“Het is echt nodig dat er een doorbraak komt. Het komt vaak genoeg voor dat een jongere alle bestaande routes al heeft bewandeld en niet verder komt. Dan gaan we verder kijken. Ik ben blij dat de gemeente Nijmegen graag wil meewerken, zij regelen ook subsidies voor ons. Bij R75 kunnen jongeren terecht met praktische vragen, voor psychosociale hulp of als ze een briefadres nodig hebben. Als er zo’n aanvraag binnenkomt, plan ik eerst een kennismakingsgesprek in en stel ik zo veel mogelijk vragen. En dat is niet altijd even makkelijk, zeker niet als zo’n jongere niemand vertrouwt. Dat vertrouwen moet je echt winnen, daarom leveren wij ook alleen maatwerk. Ik heb weleens een jongere meegemaakt die in zijn auto sliep. Die neem ik dan mee en bied ik een boterham en een slaapplek aan, echte basiszorg dus. Maar wat ik ook doe: een kopje koffie drinken en een stukje wandelen samen. Ik doe er alles aan om ervoor te zorgen dat zo’n jongere heel even een onbezorgd mens kan zijn. En ik vraag subtiel naar het verhaal, zodat ik zo goed mogelijk kan onderzoeken wat zo’n jongere nodig heeft en wie we erbij kunnen betrekken.”

"Ik doe er alles aan om ervoor te zorgen dat zo’n jongere heel even een onbezorgd mens kan zijn."

Iemand echt zien en horen

Samen met de partners in het casusoverleg TWES is Merel een vat voor signalen. “We zien en horen erg veel, vooral wat er niet kan of niet lukt. Als netwerk zijn wij er dan ook voor elkaar en zorgen we dat we vanuit de jongeren denken en niet vanuit wetten of instanties. Als we met z’n allen niet meer zo in hokjes denken, dan bereiken we veel meer. Wanneer het nergens lijkt te passen, vragen we organisaties om het gesprek aan te gaan. Dus: hoe zorgen we dat het wel lukt en wat hebben ze daarvoor nodig? Ik zie dat die olievlek gelukkig steeds groter wordt. Met TWES willen we echt die jongeren centraal stellen. We gaan met hen in gesprek, in plaats van dat we óver hen praten. Ik denk dat ik als professional veel betere kwaliteit kan leveren als ik die jongere face-to-face spreek en er niet alleen maar over lees. Dan weet je wat er echt nodig is om degene verder te helpen. En hij of zij voelt zich gehoord. Daarom vragen we jongeren sinds dit jaar ook om aan te sluiten bij het casusoverleg, als ze dat willen.”

Voorbeeld uit de praktijk

“We konden de afgelopen jaren voor een meisje, toen 19 of 20 jaar oud, veel regelen. Haar aanvraag lag eerst bij een hulpverleningsorganisatie, maar daar kwam ze niet verder. Toen hebben we haar situatie in het casusoverleg besproken. Eerst alles op een rijtje gezet: wat is de hulpvraag en wat zijn de risico’s? De hulpverleningsinstantie maakte samen met dit meisje een plan. Dus beschreven waar ze aan wil werken en hoe het vangnet vanuit de hulpverlening eruit moet zien. Dit is voorgelegd aan de woningbouwvereniging en vervolgens goedgekeurd. Nu woont dat meisje in haar eigen woning en als het nodig is, heeft ze een team om zich heen die haar ondersteunt als het toch niet lekker gaat. Dit was een van de voorwaarden van de woningbouw. Het meisje zit goed op haar plek en ze is zelfs bezig met een leer-werktraject, wat we ook hebben geregeld. Ik ben blij dat we dit hebben bereikt met elkaar.”

Niet meer in hokjes of kaders denken

“Wat ik heel mooi vind aan TWES: het overleg is voortgekomen uit de praktijk. Er kwamen signalen en de gemeente haakte hierop aan. Er was gelukkig ook ruimte voor een andere aanpak, omdat een nieuwe beleidsmedewerker aan de slag ging met de groep jongeren van 18-/18+. Ik hoop dat we zo kunnen blijven werken, dus domeinoverstijgend samenwerken met verschillende partijen. En wat mij betreft gaan we verder uitbreiden. Ik wil graag meer support bieden aan jongeren en ervaringsdeskundigen erbij betrekken. Voor deze jongeren is het belangrijk dat we buiten de bestaande hokjes en kaders durven te werken en denken, zodat we de overgang naar zelfstandigheid zo soepel mogelijk laten verlopen. Jongeren hebben vaak geen band met ouders of hun naasten, dat is geen gezonde situatie. Dus het idee is om meer te investeren in het creëren van een netwerk, bijvoorbeeld in de vorm van een mentor die ze kunnen vertrouwen. Maar we zijn al op de goede weg: praktijk en beleid komen nu helemaal samen en daar doen we het voor.”


Lees hier andere interviews