BCMB Vindplek Cliëntondersteuners BCMB Werk gezocht

“Als we de wereld open tegemoet treden, eerlijk zijn en contact leggen, maken we het elkaar een stuk makkelijker.”

Annelies Delsman is mantelzorgmakelaar en onafhankelijk cliëntondersteuner in Noord-Holland. Ze zet zich onder andere in om logeerzorg bekender te maken. “Ik kom uit de commercieel-zakelijke dienstverlening, was het continu streven naar hogere financiële targets een beetje zat en ik kwam op een leeftijd dat ik maatschappelijk meer wilde bijdragen. Het bedrijf waar ik voor werkte, werd overgenomen en dat was een mooi moment om iets anders te gaan doen.”

 

“Via mijn netwerk hoorde ik over de opleiding van mantelzorgmakelaar en dat sprak me direct aan. Ik heb me ingeschreven en ben in hetzelfde jaar ook de Basisopleiding Cliëntondersteuning gaan doen. Met deze diploma’s op zak ben ik begonnen als mantelzorgmakelaar en sloot ik me als onafhankelijk cliëntondersteuner aan bij Centrum Onafhankelijke Cliëntondersteuning. Daarnaast werk ik samen met MantelzorgNL en momenteel op interim basis twee dagen in de week als mantelzorgconsulent bij Centrum Mantelzorg Socius in de gemeente Velsen. Daar kwam ik in contact met de pilot over de logeerzorg.” 

Samenwerking zorgt voor meer rust bij mantelzorger en cliënt

“Logeerzorg bestaat al enige tijd, maar het had weinig bekendheid en werd vaak niet centraal gecoördineerd. Mantelzorgsteunpunten in Haarlem, Beverwijk, Velsen en zorgverleners in deze regio sloegen de handen ineen om planbare logeerzorg makkelijker, bekender en toegankelijker te maken. Met hulp van een projectmanager is er een procedure opgesteld (waar we nog steeds aan schaven), waardoor er minder dubbel werk wordt verricht. Het project beslaat Midden- en Zuid-Kennemerland en hierdoor heeft iemand meer keuze uit logeerlocaties. Zo kunnen we organiseren dat een cliënt logeert op een locatie waar hij of zij het best op zijn of haar plek is. We zien nu al dat deze samenwerking vruchten afwerpt: logeerzorg wordt vaker en beter ingezet. We zijn van twee locaties en drie bedden naar acht locaties en 14 bedden gegaan. Maar het kan nog beter. Cliënten zijn allemaal verschillend: het zorgprofiel, de leeftijd, achtergrond, cultuur etc. We merken dat er nog weinig passende logeerlocaties zijn voor jongeren of mensen die psychogeriatrische zorg (pg) nodig hebben. Hier ligt nog de uitdaging om ook deze mensen een fijne en veilige plek te kunnen aanbieden.”

Het water moet aan de lippen staan 

“Logeerzorg is ontlastend voor de mantelzorger, waardoor iemand langer voor een naaste kan blijven zorgen. Degene voor wie gezorgd wordt, kan dan ook langer thuis blijven wonen. Het kan ook een ‘wenmoment’ zijn in aanloop naar een permanente opname. Maar onderschat niet dat de stap om logeerzorg aan te vragen en er ook werkelijk gebruik van te maken groot is. Het water staat dan echt aan de lippen van de mantelzorger.

“Het water moet aan de lippen staan bij de mantelzorger, anders doen ze het niet.”

“Mantelzorgconsulenten van alle drie de steunpunten in de regio Midden- en Zuid-Kennemerland zijn bij de zorginstellingen op bezoek geweest. We weten hoe de kamer eruitziet, hebben de sfeer ervaren, weten wat voor mensen er wonen en we hebben vaste contactpersonen bij zorgbemiddeling. Hierdoor kunnen we de mantelzorgers en cliënten beter informeren en adviseren. We gaan op huisbezoek, zodat mantelzorgers en cliënten een gezicht zien en vragen kunnen stellen. En voor ons helpt het om een betere inschatting te maken waar de echte behoefte ligt en of er nog meer of andere ondersteuning nodig is. Tijdens het bezoek doen we met een intakeformulier een ‘triage’, we overhandigen een checklist met wat er geregeld moet worden en wat de logé mee moet of kan nemen. Voor iedere betrokken partij scheelt het tijd en voor de cliënt is het prettiger. De zorgbemiddelaars stellen de vragen die betrekking hebben op de medische kant.” 

Bekostiging en personeel zijn een uitdaging

“De procedure, waaronder het intakeformulier, is nog volop in ontwikkeling. Door het formulier te gebruiken, kwamen we er onder andere achter dat het erg veel vragen zijn en het niet altijd duidelijk was bij welke partij welke vraag hoort. En dat een aanvraag voor logeerzorg via verschillende wegen binnen kan komen. We maken nu onderscheid in Wlz-aanvragen, Wmo-aanvragen en Wmo-aanvragen waar mogelijk meer ondersteuning nodig is dan alleen een keer logeren. Het streven is dat de financiële kant - wie betaalt wie en wat - geen obstakel mag zijn om wel of geen logeerzorg in te zetten. De bekostiging is wel een uitdaging. Cliënten komen vanuit de Wmo en de Wlz en die hanteren verschillende tarieven. Hoe is die verhouding? En met het oog op het grotere geheel: wat bespaar je aan zorgkosten als een mantelzorger het hierdoor langer volhoudt? Een andere uitdaging voor de zorginstellingen is personeel. Of beter gezegd: het tekort eraan. Door de huisbezoeken kunnen we een goede inschatting maken wat er aan zorg en begeleiding nodig is. We overleggen altijd met zorgbemiddeling of het kan. Als blijkt dat op dat moment een opname niet verantwoord is, doen we het uiteraard niet. Maar hoe dan ook; de mantelzorger en cliënt mogen hier geen last van hebben en niet tegengehouden worden om gebruik te maken van deze vorm van respijtzorg.”

“Alle betrokkenen hebben zich er hard voor gemaakt en dat heb je nodig om het groter te maken en te verspreiden.”

“Er is veel aandacht besteed aan de pilot logeerzorg door artikelen in lokale kranten te plaatsen, via social media, flyers en nu ook met dit interview. Andere ketenpartners, zoals apothekers en huisartsen, zijn ook meegenomen in het proces, omdat zij met name op het gebied van medicatie en hulpmiddelen een belangrijke partij zijn. En erg fijn dat de gemeenten Haarlem, Beverwijk en Velsen wilden investeren en dat er een project van is gemaakt. Dat de drie mantelzorgsteunpunten en de zorgorganisaties er ook uren in steken om er een succes van te maken, maakt ook veel verschil.”

 

Twee voorbeelden uit de praktijk:

  1. Een meneer met Alzheimer woont bij zijn dochter en kleindochter. De kleindochter ging trouwen in het buitenland en haar moeder wilde er natuurlijk graag bij zijn, maar haar vader heeft zorg nodig. Met mijn hulp is geregeld dat vader een maand in een zorginstelling verbleef en zijn dochter naar de bruiloft van zijn kleindochter kon gaan. De ‘bijvangst’ is dat moeder zich is gaan realiseren dat de zorgvraag voor haar vader erg groot is en dit ten koste van haar gezondheid ging. En dat er ergens anders ook goed voor hem wordt gezorgd. Dit logeermoment is dus ook een aanloop geworden naar permanente opname van vader in een verpleeghuis.”

  2. “Een mevrouw zocht contact, omdat haar man met alzheimer steeds meer last kreeg van angsten en psychoses. Zij voelde zich erg verantwoordelijk voor het welzijn van hem en vond ook dat zij alles moest doen en regelen om het voor hem zo fijn mogelijk te houden. Hierdoor cijferde zij zichzelf weg. We zijn de logeerzorg langzaam gaan opbouwen: eerst drie dagen, daarna vijf dagen en later een langere periode. Meneer bleek het verblijf in het verzorgingshuis erg fijn te vinden. Voor hem voelde het ook als vakantie. En nu zit hij er zelfs permanent. Voor mevrouw is het geruststellend dat ze weet dat hij goed wordt verzorgd en dat hij het naar zijn zin heeft. Het uit elkaar gaan werd hierdoor wat minder zwaar."

Samenwerken en vertrouwen tussen alle partijen

“Elementen die een grote rol spelen bij het succes van deze pilot zijn samenwerking en vertrouwen tussen alle partijen. Erop vertrouwen dat als de mantelzorgconsulent, de cliëntondersteuner of de zorgprofessional aangeeft dat logeerzorg nodig is, het sein op groen gaat en het geregeld wordt. Samenwerken en vertrouwen zijn wat mij betreft in het hele zorgdomein een voorwaarde om goede ondersteuning en hulp te leveren. Zeker met de toenemende (administratieve) druk, stijgende kosten, personeelstekorten, vergrijzing en de groeiende zorgvraag.”

Sla de handen ineen en werk samen

“In dit project zitten we met verschillende partijen, maar met hetzelfde doel aan tafel. Er is meer begrip voor elkaar ontstaan en we leren van elkaar. Toen ik in het zorgdomein ging werken, viel me op dat er veel schotten waren tussen de verschillende dienstverleners. Veel professionals zitten in hun eigen wereldje. Het viel me niet alleen op, het viel me ook tegen. Juist in dit domein moet je de handen ineenslaan, elkaar opzoeken en kennis delen. Het gaat om het welzijn van mensen! Zoek elkaar op, deel, vraag en communiceer. Ik denk dat als je de wereld open tegemoet treedt, eerlijk bent en contact maakt, je heel ver komt. We maken het onszelf en elkaar dan een stuk makkelijker en de wereld mooier en zorge(n)lozer.”


Annelies schreef tijdens haar opleidingen een aantal blogs. Deze vind je op https://www.linkedin.com/in/anneliesdelsman/recent-activity/articles/